07-02-08

Vrijdag 25 januari 2008.

Vrijdag 25 januari 2008.
Via de pelgrimstamtam kreeg ik gisteravond goed nieuws. Iemand voor wie ik een kaars had laten branden, had weer nieuwe moed gevonden.
Vanmorgen eerste werk: een kaarsje branden om dank u te zeggen.
Een mens gaat maar al te vaak kaarsen branden of bidden als hij iets nodig heeft. Een beetje alsof hij het dan alleen niet meer kan en dan pas tot God komt. Gaat alles goed, waarom zou de mens dan naar God omzien?! Dan is het ongetwijfeld de mens die het zelf voor elkaar gekregen heeft!?
In de kerk staat een tekst bij de bak van het geld voor de kaarsen:
“ Ik kan niet bidden”
“ Ik weet niet wat zeggen”
“ Ik heb niet veel tijd”
“ En dan?”
“ Het licht dat ik offer”
“ Is een beetje van mijn geld, “
“ Is een beetje van mijn tijd, “
“ Is een beetje van mijzelf “
“ Dat ik laat staan voor de Heer “
“ Voor de Heilige Maagd, “
“ Voor een heilige. “
“ Dit licht dat brandt,”
“ Symboliseert  mijn gebed. “
“ Dat ik verder doe, “
“ Terwijl ik verder ga.”

Geïnspireerd door die woorden zet ik mijn beeweg verder. Onderweg kom ik de man tegen, die ik dinsdag al tegengekomen was, de Waal die in 2007 ook naar Compostela gegaan is. Middageten bij hem!

Na een deugddoende maaltijd en even geluisterd te hebben naar zijn boeiende verhalen., ben ik verder. Het is vier uur dan en binnen een uur is het donker. Gelukkig is het niet zo ver meer dat ik moet, en als ik dan de pelgrimsopvang zou kunnen vinden …
Een kerk ,,,, een gemeentehuis … café … Kerk dicht, dus richting café, als ik daar een man de kerk zie open doen. Café zal voor een andere keer zijn!
Pelgrimsopvang? Ja,hij is de verantwoordelijke, maar hij moet nu gaan werken tot 10 uur. Tegen 7 uur eens gaan zien, want nu is er niemand , zegt hij.  Dat wordt dan 2 uur café en voorzichtigheidshalve besluit ik toch eerst maar even te gaan zien. Strks moet ik dt immers ook nog gaan vinden, na dt cafébezoek.
Hup, brug over en dan even zien. Achter de kerk was het. Is dat hier de straat in? Of ben ik al te ver en moet ik over het kerkhof?
Een vriendelijke dame, die de straat uitkomt, vraagt of ze me kan helpen. Ja graag. Hier de straat in en dan op het einde? OK, Bedankt mevrouw.
Ik kan dan moeilijk anders dan daar in gaan, ook al is er honderd meter verder aan de andere kant van de straat een café. Als pelgrim ben je immers dankbaar voor alle hulp.
Straat in, allez denken waar het is, even opzij ook zien en net als ik weer aan de voorkant ben, rijdt een auto de steentjes voor het huis op.
Ja, hij komt voor mij. Ja, speciaal voor mij. Ah … wel, die vrouw dat me gevraagd had of ze me kon helpen, was een vriendin van hem en hij hielp hier ook met de opvang. Hij laat me binnen.
En terwijl menig bloglezer vanavond wel op café zit, ben ik blij dat  ik er niet geraakt ben!

19:05 Gepost door Ooggetuige | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.